POM Magazine

POM Magazine, Magazine voor Stijl & Cultuur

POM Magazine

How to make an IMPAKT

Digitale kunst, online symposia of een virtueel feest, ze zijn sinds jaar en dag de gewoonste zaak van de wereld voor IMPAKT. Dit centrum voor mediacultuur biedt een platform voor kunstenaars die digitale kunst maken. Anke Verbeek sprak voor POM Magazine met IMPAKT directeur, Arjon Dunnewind en IMPAKT PR & Marketing, Michelle Franke.

door Anke Verbeek

Arjon, Michelle kunnen jullie uitleggen wat IMPAKT is?
IMPAKT richt zich op kunstenaars die digitale kunst maken. We bieden ze ondersteuning en een presentatieplatform. In het begin was IMPAKT alleen een festival, maar we zijn door de jaren heen steeds meer gaan doen. In 2018 zijn we verhuisd naar de Lange Nieuwstraat in Utrecht waar we een tentoonstellingsplek hebben. Daarmee is het programma dat we naast het jaarlijkse festival hebben, belangrijker geworden. We zijn uitgegroeid tot een centrum voor mediacultuur. Samen met kunstenaars, academici, journalisten en filosofen onderzoeken we op welke manier ontwikkelingen op het gebied van mediacultuur, onze maatschappij veranderen.

IMPAKT organiseert webprojecten en online exposities. Daarnaast hosten jullie lezingen en events. Hoe is het gelukt om in coronatijd nog zoveel naar buiten te brengen?
We zijn al in 2001 met de virtuele ruimte begonnen, met IMPAKT Online. Dat heeft zich doorontwikkeld in IMPAKT Channel waarop we virtuele dingen doen. In april 2021 zijn we  begonnen met IMPAKT TV. Dit is een online format dat dichter op de actualiteit van de dag zit. Door de coronamaatregelen zijn we nog intensiever bezig gegaan op IMPAKT Channel en met onze webprojecten.

Zijn er events omgezet van een fysiek format naar een online format?
Jazeker, maar niet door hetzelfde fysieke event gewoon via Zoom te laten verlopen. We hebben gekeken hoe we van een fysiek event, een nieuwe, digitale ervaring konden maken. Rondom een groot thema brengen we presentaties en kunstwerken op een interactieve manier samen. Bezoekers worden digitaal genavigeerd door onderwerpen en kunstwerken. Voor het IMPAKT Festival hebben we de festivalervaring online gebracht met het festivalportal. Daarmee kon de online bezoeker in verschillende ruimtes  van een virtueel gebouw rondlopen. In de virtuele bar kon je een digitaal drankje drinken en in de main room was de livestream te volgen. Tussendoor namen mensen je op de portal mee naar een soort IMPAKT TV, waar 24 uur iets te zien was. Hierdoor veranderde het festival in een marathonuitzending van 100 uur.

Zijn alle fysieke exposities te vertalen naar een online versie?
Dat varieert heel erg per geval. De festivaltentoonstelling Dreaming In Everywhen bijvoorbeeld, hadden we al geconcipieerd en vormgegeven voordat duidelijk werd dat we de rest van het festival helemaal online gingen doen. We hebben veel werken online gepresenteerd. Maar er was in de tentoonstelling ook een cilindervormige ruimte te zien die gevormd werd door doeken, die vanaf het plafond in de fysieke expositieruimte hingen. Daarbinnen was een bed waarop een borduurwerk lag met een reliëfachtig patroon. Het was onmogelijk om de ervaring van- op dat bed liggen met een koptelefoon en aanwezig zijn in die omsloten ruimte- naar iets digitaals te vertalen.

Biedt digitalisering andere mogelijkheden dan de fysieke presentatie?
Bij een traditioneel symposium zijn alle lezingen strak ingepland. Meestal kun je ze allemaal achterelkaar bijwonen, en soms heb je parallelsessies. Maar in het symposium, Radicalization By Design bijvoorbeeld, is de online bezoeker helemaal in-control en kun je navigeren door de vragen, onderwerpen en kunstwerken. Het publiek krijgt door het online format, de vrijheid om een eigen route te bepalen door de digitale content. We vragen vaak aan kunstenaars om iets nieuws te maken voor een online expositie. Het is niet een surrogaat van een fysieke expositie en vindt zijn waarde in de interactieve, online, niet-lineaire omgeving.

In de IMPAKT projecten zie ik dat kunstwerken, lezingen, essays en panels gecombineerd worden. Daar komen online formats ook nog eens bij. Zien jullie dat als een blijvertje na Covid?
Het oudste IMPAKT webproject hebben in 2016 gemaakt, ver voor Covid. Het was een manier om het IMPAKT festival van 2015 een soort after-life te geven. Digitale kunst is helemaal niet meer zo marginaal. Er is recent een digitaal kunstwerk verkocht voor miljoenen euro’s. Het spannende van online kunst is dat het digitaal is en dus door iedereen gekopieerd kan worden. Met de blockchain technologie kun je aantonen: fijn dat je een kopie hebt maar het leidt allemaal terug naar het origineel van mij, dus ik ben de eigenaar. Het gaat om de scheidslijn tussen enerzijds digitaal, reproduceerbaar en beschikbaar. En anderzijds, om het verlangen dat het kunstwerk uniek moet zijn en een vorm van tastbaarheid moet hebben. Dat is een interessant spanningsveld.

Heeft digitaal exposeren ook nadelen?
Het is belangrijk dat mensen zich vertrouwd voelen in het event wat je organiseert. Je moet ze activeren om zoveel mogelijk online actief en persoonlijk betrokken te zijn bij het event. Waarmee je trouwens onderling contact kunt creëren met mensen uit alle delen van de wereld. Afgelopen januari hebben we een virtual Bal Masqué georganiseerd in samenwerking met Media Art Lab Moskou. Op het bal waren online gasten aanwezig uit Nederland, Oostenrijk, Rusland en de Verenigde Staten van Amerika. Dat soort samenwerkingen zijn heel makkelijk online te organiseren. Hoe jammer het ook is dat we bepaalde dingen vanwege Corona fysiek niet meer kunnen doen, we werken nu in een stimulerende, nieuwe situatie waarin een hoop dingen niet meer moeten en een heel veel nieuwe dingen kunnen.

www.impakt.nl

The Creative Technologist

In een interview met Nahuel Gerth vroeg POM Magazine’s Giulia Weijerman hoe hij zichzelf graag voorstelt aan anderen: als kunstenaar, grafisch ontwerper of als programmeur? Nahuel Gerth heeft een manier gevonden die alle drie rollen met elkaar verbindt. Hij komt oorspronkelijk uit Duitsland maar woont nu in Tsjechië, waar hij voor klanten veel commerciële opdrachten doet. Maar zijn Instagramvolgers kennen hem vooral van humoristische posts. Giulia Weijerman interviewde Nahuel en probeerde erachter te komen waarom deze duizendpoot zichzelf het liefst voorstelt als “Creative Technologist”.

Door Giulia Weijerman

Nahuel, als je zou moeten kiezen tussen nooit meer iets creëren of nooit meer online, wat zou je dan kiezen?
Ik denk dat ik dan zou kiezen voor nooit meer online. Creëren is iets heel essentieels voor mij, het is een manier om gedachten te uiten. Onlangs had ik met een aantal mensen een discussie over de vraag of er een verband is tussen geluk en je werk. We kwamen tot de conclusie dat het gemakkelijker is om gelukkig te zijn in je werk met een baan in de creatieve sector. Maar jouw vraag is lastig, het blijft een moeilijke keuze. Het creatieve proces is zo vervlochten met het internet. Ik moet in mijn werk vaak programmeren en gebruik veel code. Daarvoor doe ik op internet veel onderzoek. Maar het internet is ook een inspiratiebron voor mij. Het speelt een belangrijke rol in wat ik maak en hoe ik kijk naar de wereld.

Je noemt jezelf een Creative Technologist. Hoe word je een Creative Technologist?
Van kleins af aan tekende ik stripfiguren. Mensen waarschuwden mij dat je met striptekenen geen droog brood kunt verdienen. Ze adviseerden om iets anders te gaan doen. Een studie Communication Design leek me een mooi alternatief. Communication Design richt zich voornamelijk op commerciële communicatie. Met creative coding heb ik een manier gevonden waarmee ik mijn nieuwsgierigheid de vrije loop kan laten gaan, zomaar, zonder doel of reden.

Wat betekent het om een Creative Technologist te zijn?
Het betekent dat ik verhalen vertel die ik op een visuele manier communiceer, met gebruik van IT technologie. Ik hou wel van de term Creative Technologist. Het dekt zowel artistieke als commerciële communicatie. Het is een beetje vaag, maar geeft toch wel een idee van wat ermee wordt bedoeld.

Welke rol speelt creative coding in jouw werk?
Met de standaard tools krijg je doorgaans alleen maar statisch werk. Als het werk eenmaal af is, verandert het niet meer. Met creative coding kun je een grafisch werk interactief of reactief maken. In plaats van toetsenbord en muis, kun je zelfs je eigen lichaam gebruiken om met een website te communiceren. De website reageert dan op lichaamsbeweging. Deze methode gebruik ik vaak in mijn werk. Het is begonnen met letters die kris kras over het computerscherm vliegen wanneer ik met mijn vingers langs het scherm beweeg. Met dit soort grappige dingetjes probeer ik zoiets abstracts als IT technologie begrijpelijker te maken voor het publiek. Het is inmiddels uitgegroeid tot een nieuwe manier van communiceren. Je gebruikt als het ware je lichaam als interface om verbinding op te zetten met je computer. Daarmee koppel je iets digitaals met iets fysieks.

Gebruik je Artificial Intelligence (AI) in je werk?
Ik maak veel gebruik van AI voor mijn commerciële- en artistieke werk. Als ik geen idee heb waar of hoe ik moet beginnen met een ontwerp, schakel ik AI in. Ik vertel aan het AI programma wat mijn zorgen zijn of ik leg het eindresultaten uit dat ik voor ogen heb. AI is voor mij als een heel slim iemand aan wie ik altijd mijn vragen kan stellen. Ik krijg soms hele goede aanbevelingen die me verwijzen naar allerlei onderwerpen die ik dan samen met AI verder kan onderzoeken. Heel praktisch dus, want het bespaart me veel tijd.

Hoe zie jij de digitale toekomst?
Ik ben een groot fan van de schrijver Yuval Harari, hij schrijft onder andere over de geschiedenis van de mensheid. Wat me is bijgebleven is dat biologisch gezien het menselijk lichaam nog steeds geschapen is voor het stenentijdperk. Ons lichaam is ervoor gemaakt om mijlenver te lopen in de buitenlucht, voedsel te verzamelen, te rennen tijdens de jacht, om vervolgens met je familiekring om het kampvuur te zitten. Dat is precies het tegenovergestelde van hoe we nu leven. We zitten de meeste tijd ergens op kantoor en we zien onze familie niet zo vaak als we zouden willen. Ik zou het fantastisch vinden als we een manier vinden om weer in contact te komen met de natuur. Daarmee zeg ik niet dat we geen technologie meer mogen gebruiken. We moeten proberen een manier van leven te vinden waarvoor we oorspronkelijk geschapen zijn en weer in verbinding komen met onze omgeving. Maar met behoud van alles wat technologie mogelijk maakt.

Abonneer op onze nieuwsbrief

Door verder gebruik te maken van deze website gaat u automatisch akkoord met het plaatsen van cookies. Meer informatie Dit bericht verbergen