POM Magazine

POM Magazine, Magazine voor Stijl & Cultuur

POM Magazine

De Acteur- Phi Nguyen

Acteur Phi Nguyen is bij het filmpubliek bekend als Ping Ping uit de Bon Bini films. Het toneelpubliek kent hem o.a. van KRANT en RECHT, beide van het Leidse toneelgezelschap De Veenfabriek. Voor zijn rol in RECHT werd hij in 2023 genomineerd voor de Louis d’Or. Klaartje Til had de avond vóór haar interview met Phi Nguyen, de voorstelling RECHT gezien. Hierin speelt hij de jurist Jacques. “Ja, ik doe heel veel verschillende dingen”, legt hij in het interview uit. En dat is nou precies de reden waarom deze acteur volgens ons zo boeiend is.

door Klaartje Til

Hoe ben je ertoe gekomen om naar de toneelacademie te gaan?
Ik denk dat het op de basisschool begon, ik woonde toen in Arnhem. Op onze basisschool deed de laatste klas geen eindmusical maar wij deden een eindtoneelstuk. Daarin speelde ik de hoofdrol, Mr Johnson, in het Nederlands met een Engels accent. Ik was toen een jaar of twaalf. Ik vond het super leuk en mensen vonden dat ik het ontzettend goed deed. Maar ik had niet zoiets van, hier moet ik iets mee of zo. Op mijn middelbare school was er ruimte voor creativiteit en in samenwerking met de kunstacademie Arnhem werd het vak, drama gegeven. Ik volgde overigens helemaal geen dramalessen. Eén van die dramadocenten, Mark Colijn, was heel ambitieus en wilde schoolvoorstellingen maken. Hij kwam naar me toe, toen hij me op school zag lopen en vroeg of ik auditie wilde doen voor zijn toneelstuk. Ik wist niet eens wat een auditie was, maar ik heb auditie gedaan en werd uitgekozen.

Hoe komt het dat die docent uitgerekend jou kiest? Je had helemaal niet voor drama gekozen en toch had hij zoiets van jou moet ik hebben?
In de pauzes liep ik altijd te dollen en hing op school een beetje de clown uit. Om mezelf te vermaken, niet perse om anderen te vermaken. Misschien ben ik Mark toen opgevallen. Een jaar lang repeteerde ik één keer per week, samen met zo’n 10 andere leerlingen. In april kregen we van school twee weken vrij om de voorstelling te monteren en te spelen voor publiek. Elke voorstelling was uitverkocht en we speelden voor honderden mensen.

Wat speelden jullie toen allemaal zoal?
We speelden toen best wel pittige stukken. Het stuk, 4.48, van Sarah Kane heb ik gespeeld toen ik 16 was. Ik heb Red Rubber Balls gespeeld en Romeo en Julia: studie van een verdrinkend lichaam, beide van Peter Verhelst. Dat zijn hondsmoeilijke teksten. Het eerste stuk wat ik speelde was Wormrot en Vuurvonk van Don Duyns. Ik denk dat ik in totaal aan zo’n 5 producties heb meegedaan. Ik was best wel fanatiek. Na de première van het allereerste stuk waarin ik speelde, vroeg de dramadocent aan alle acteurs hoe ze vonden dat het gegaan was. Iedereen was positief, tevreden en superblij. Maar ik ben in tranen uitgebarsten, zo kwaad was ik. Ik heb gescholden en geroepen dat het helemaal niet goed ging, dat iedereen maar voor zijn eigen hachje zat te spelen, dat we een jaar lang gerepeteerd hebben om samen te spelen en samen iets neer te zetten. Maar op de première pakte iedereen maar zijn eigen momentje. Superleuk hoor dat je een paar lachjes uit de zaal krijgt, maar volgens mij is dat niet bedoeling van toneel. Als dit het is, kap ik ermee, heb ik geroepen.

Hoe oud was je toen?
Een jaar of 13 of 14.

Deed je dat om mensen op de kast te krijgen of omdat je er helemaal voor ging?
Als ik iets graag doe, ga ik er helemaal voor. Ik heb toen geluk gehad met deze docent want iedereen kon mijn bloed wel drinken op dat moment. Zijn reactie op mijn uitbarsting was: “We gaan het er nu niet over hebben, maar ik denk dat Phi misschien wel gelijk heeft”. Het spelen om te shinen boeit me niet. Het gaat mij erom dat we samen een tof stuk maken. Dat toffe maak je samen zoals je gisteren ook in de voorstelling RECHT hebt kunnen zien.

Is dat moment bepalend geweest voor de keuzes die je daarna hebt gemaakt?
Daardoor ging ik wel verder met spelen. Na de middelbare school ben ik in Utrecht de vooropleiding van de toneelschool gaan doen. Daarna heb ik bij alle toneelscholen in Nederland auditie gedaan. Ik kwam overal tot de laatste ronde, maar werd toch afgewezen. Ik besloot om het jaar daarop het nog eens te proberen. Ondertussen zat ik bij De Nieuw Amsterdam en heb daar een jaar lang lessen gevolgd: Afrikaanse dans, Japanse dans, dramaturgie, tekstlessen, improvisatielessen en heel veel voorstellingen kijken. Ik besloot nog één keer audities te doen en werd toen op meerdere scholen aangenomen, ik kon kiezen.

Je hebt toen gekozen voor de toneelopleiding van Artez Arnhem. Hoe heb je jezelf daar verder ontwikkeld als acteur?
Het was soms lastig. Tekst begrijpen en het dan uitspreken vond ik niet makkelijk. Fysiek was ik wel heel goed. Eén van de docenten vroeg of het niet beter was om naar de dansacademie te gaan. Ik wilde helemaal geen danser worden, ik wilde acteur worden. Ik stopte heel veel tijd en energie in mijn ontwikkeling als acteur. Ik richtte een leesclubje op, ik ging 3 à 4 keer in de week naar een toneelvoorstelling, ik sloeg geen les over. De eerste paar jaar was het ploeteren voor mij.

Waar lag dat dan aan denk je?
Iedereen zei: “We zien allemaal potentie, maar het is alsof er een deksel op de pan zit. Er borrelt in jou heel veel, maar je houdt jezelf tegen.” In een impuls wist ik wat of hoe ik wilde spelen, maar dan was ik daar veel te lang mee bezig of dacht veel te lang over een tekst na. De docenten zagen dat er bij mij van alles gebeurde, maar dat het me niet lukte om het over te brengen.

Hoe is die deksel eraf gegaan?
Dat gebeurde tijdens het derde jaar toen ik stage ging lopen. Waar ik op school veel moeite moest doen en de hele tijd het gevoel had dat ik nog harder moest rennen, kreeg ik tijdens mijn stages juist vleugels. Ik deed drie grote stages. Bij één van die stages heb ik samen met de regisseuse, Ine te Rietstap, in 10 dagen tijd, 100 scenes gemaakt waarvan zij er 50 heeft uitgekozen. Die hebben we achterelkaar gezet tot één solo. Destijds werkte ik ook al met Joeri Vos voor een stuk dat ik zelf had gemaakt. En ik liep stage bij De Appel en waar ik met Wannie de Wijn heb gewerkt. De deksel is door geluk en voorbereiding eraf gegaan, denk ik. Ik werkte keihard en een aantal mensen zag wat ik deed en dat het iets opleverde. Ik denk dat ik op de toneelschool heel lang bezig ben geweest met de zin van het spelen. Maar het is net als zoeken naar de zin van het leven. Het maakt niet uit wat de uitkomst van die zoektocht is, het gaat erom wat je ermee doet.

Wat zijn voor jou dan de ingrediënten die je een personage wilt meegeven, ongeacht welk personage het is?
Menselijkheid, altijd. Ping Ping is een larger-than-life typetje, maar hij heeft gewone, hele menselijk driften. Ik denk dat hij daarom zo populair is. Hij resoneert met mensen vanwege de herkenning. Ping Ping wil geld verdienen, daar is hij mee bezig. Niet voor het geld, maar omdat hij anders kapotgaat, omdat zijn gezin afgemaakt wordt. Het zijn allemaal dingen die ik erbij verzin. Maar het personage moet een belang hebben om te doen wat het doet. En het belang van Ping Ping is groot.

Krijg je dit soort informatie van de regisseur of staat dat als achtergrondinformatie bij jouw tekst?
Nee, helemaal niet nee (lacht)!

Niet?
Nee.

Dus je moet dat allemaal zelf bedenken?
Mijn methode is heel basaal. Ik zit vaak alleen in de sauna. Omdat het er zo heet is en ik daar niks kan doen, ga ik intunen. Ik zie beelden voor me van wat een personage zou kunnen zijn. Tijdens de repetities ga ik die uitproberen. Soms lukt het, soms niet. Het is niet zo dat ik mijn eigen visie op het leven in al mijn personages stop, maar al mijn personages kijken wel naar het leven. Ze zijn in contact met hun omgeving, met de anderen en van daaruit kunnen ze best wel rare, verrassende wendingen nemen. Ik wil mijn medespelers soms daarmee verrassen maar niet zodanig dat het stuk omvalt. Het is niet zo dat ik bewust mijn tegenspelers wil ontwrichten. Maar ik zoek naar echt contact en de echtheid van wat er op dat moment op het toneel gebeurt.

Je hebt ook stand-up comedy gedaan. Waarom doe je dat niet meer?
Ik heb zo’n 30 keer in clubs gespeeld. Er was een hele tour gepland en er waren al kaartjes verkocht. Maar ik voelde niet echt de noodzaak meer om die show te doen. Ik had net een grote voorstelling op Oerol gedaan, De wereld Van Wie. Dat stuk ging over de eerste 10 jaar van mijn leven, een heel emotioneel project. Voor dit stuk zijn mijn zus, mijn vader en ik geïnterviewd en aan de hand van die interviews hebben Joeri Vos en Teun Smits een hele mooie tekst geschreven. Die stand-up comedy show zou ook over mijn leven gaan, maar ik had met De Wereld Van Wie al zoiets gedaan. Het voelde dubbelop. Ik ga me nu focussen op mijn filmcarrière. Toen ik in Thailand aan het draaien was voor Bon Bini Bangkok Nights, riep één van de acteurs dat ik internationaal moet gaan. Ik ben hard aan het werk om dat voor elkaar te krijgen. De focus is nu op internationale projecten en, art-house films en -series.

Je hebt ondertussen ook nog de tijd gevonden om een koksopleiding te doen. Waar kwam die opwelling vandaan om dat te gaan doen?
Vanaf mijn 15de heb ik als bijbaantje altijd voor restaurants gekookt. Toen ik de toneelschool deed, was dat moeilijk te combineren en tot 2016 ben ik gestopt met koken. In 2016 had ik een beetje genoeg van het vak, ik vond de sector lastig en had geen inspiratie. De regisseurs waarmee ik werkte heb ik allemaal gebeld om uit te leggen waarom het beter was dat ik me even terug trok uit het theater. Als ik mezelf niet kan inspireren kan ik de regisseurs al helemaal niet inspireren. Ik ben naar België verhuisd en heb daar de koksopleiding gedaan.

Heeft de koksopleiding ook inspiratie gebracht voor je theatercarrière?
Het grappige is dat ik als kok niet zo veel ambitie heb eigenlijk. Het is raar om te zeggen, maar ik begin steeds meer te geloven dat ik een goede acteur ben. Het is misschien de reden waarvoor ik hier ben, dit is wat ik moet doen. Ik mag accepteren dat ik een acteur ben, dit is mijn vorm en daarin moet ik me verder ontwikkelen. Van nature heb ik meer aanleg om te koken. Maar ik heb het talent om als acteur te werken. Talent is het vermogen en de bereidheid om met discipline en hard werken jezelf als acteur te ontwikkelen. Als mensen zeggen dat je talent hebt, maar je doet er niks mee, vind ik dat geen talent. Het is aanleg. Een talent is iemand die altijd 100% geeft en ervoor werkt. Het is grappig dat mensen soms zeggen dat het mij zo makkelijk afgaat. Nou, je wil niet weten hoeveel uren aan pijn en moeite erin zit. Aan de andere kant leer ik nu pas dat theater niet mijn leven is. Spelen is niet mijn leven, het is mijn werk. Voorheen kon ik heel moeilijk de scheiding maken tussen enerzijds de toneelspeler en acteur Phi, en anderzijds de mens Phi. Ik kan dat nu beter scheiden en ik denk dat mijn werk daar beter van wordt.

Fotografie: Merel Oenema

Spannende toneelpremières  

Vanaf februari 2023 gaan een aantal klassieke toneelstukken in Nederland in première en aansluitend zijn ze te zien in diverse theaters in Nederland en België. Het zijn bijna allemaal klassiekers maar met een spannend kantje. Lees in deze editie van Speels waarom ze spannend zijn.

Coriolanus (Shakespeare)
Regie: Nina Spijkers
Gezelschap: Het Nationale Theater
Spannend: generaal Coriolanus is een vrouw.
Waar: diverse theaters in Nederland
Wanneer: 14 februari t/m 7 april 2023

My First Tragedy: Iphigeneia (Euripides)
Regie: Mart van Berckel en Angela Herenda
Gezelschap: NNT en Club Guy & Roni
Spannend: dans, spel en slagwerk laten je de essentie van het verhaal voelen.
Waar: diverse theaters in Nederland
Wanneer: 16 februari t/m 13 april 2023

Jane Eyre (Charlotte Brontë)
Regie: Eline Arbo
Gezelschap: National Theatret Oslo
Spannend: Eline Arbo (foto) verrast altijd met haar openhartige en onverwachte toneelregie.
Waar: Internationaal Theater Amsterdam
Wanneer: 24 en 25 februari 2023

Fotografie: Kurt van der Elst

POM Magazine Top 5 van 2022

Het einde van het jaar nadert. Een jaar waarin we na twee coronajaren eindelijk weer naar buiten mochten, althans zo voelde het voor velen. Hoog tijd voor een terugblik op al het goede dat 2022 bracht aan cultuur, literatuur, eten en muziek. Hier is de POM Magazine Top 5 van 2022.

Film
Les Olympiades van regisseur Jacques Audiard-Liefdesverwikkelingen anno nu, met in de hoofdrol het 13de arrondissement van Parijs.

Muziek
De playlists van de DJ’s van WordWideFM- Onze favorieten zijn DJ Coco Maria, DJ Tereza (grote foto) en Toshio Matsuura’s Tokyo Moon (foto onder).

Eten
Thais restaurant Khaosaan Road- Een piepklein onooglijk ingericht tentje aan de Nobelstraat in Den Haag, waar je fantastisch Thais kunt eten voor bijna niks. Vooraf reserveren is aan te raden.

Toneel
Medea van theatergroep Suburbia- Omdat je na het zien van deze gruwelijke tragedie nog steeds houdt van Jason (Stefan Rokebrand) en Medea (Charlie Chan Dagelet).

De verrassing van 2022
Een verhalenbundel op instagram van frankmlorentz. In het Duits, maar leest desondanks lekker weg. De titel? Aus dem Tagebuch einer erschöpften Unternehmerin.

Wat is het toch met verdriet? Speelt Rosita Segers nog steeds het antwoord?

Twee jaar geleden interviewde POM Magazine actrice Rosita Segers over de voorstelling ‘Spread The Sadness’, die ze samen met Max Laros produceerde. Max en Rosita vormen het Utrechtse theatercollectief, Non Creators Company en sinds het interview maakten en speelden ze vele voorstellingen. In een gesprek met Giulia Weijerman vertelt Rosita over de voorstelling waarmee ze nu op de planken staat en wat de Non Creators Company allemaal nog meer in petto heeft.

door Giulia Weijerman

Twee jaar geleden interviewde POM Magazine jou over jullie voorstelling Spread the Sadness. Je vertelde toen dat je het moeilijk vindt om te huilen en in een groep toe te geven aan je verdriet. Hoe is dat nu?
Ik vind het nog steeds moeilijk om me zo kwetsbaar op te stellen en de controle te verliezen.

Kun je dan wel controle verliezen in je theaterstukken?
Als ik voor een stuk op het podium sta lukt het me vaak om alles toe te laten en ergens volledig voor te gaan, zonder te weten waar ik uit kom. In zekere zin bevind ik me op het podium in een gecontroleerde situatie die als randvoorwaarde fungeert en waarbinnen ik de controle helemaal los kan laten. Daarom vind ik spelen ook zo lekker. Geef mij een brilletje en een petje en ik speel een onzeker jongetje van 12. Geef me een raar pruikje en ik ben een oud mannetje. Geef mij een rare broek en ik speel een onzeker meisje. Ik hou van gekke kostuums waarin ik me kan transformeren. Het geeft me een spelimpuls.

Als je nu terugkijkt op jullie voorstelling Spread The Sadness, is er iets veranderd in de manier waarop jij en Max Laros verhalen vertellen in jullie producties?
Ik denk dat de stukken die Max en ik maken nog steeds ontstaan vanuit een persoonlijke fascinatie. Net als Spread The Sadness is het uitgangspunt van onze laatste voorstelling Ôskwanteklip verdriet. Verdriet om vergankelijkheid, afhankelijkheid en eindigheid. Verdriet om de aftakeling die je ziet bij je opa’s en oma’s. Spread The Sadness was montagetheater met allemaal in elkaar gevlochten acts. Voor onze laatste voorstelling Ôskwanteklip, wilden we het maskerspel ontdekken en die speelstijl leren. We zijn altijd op zoek naar toneelvormen die we nog niet kennen. We hadden ook nog nooit oude mensen gespeeld en als acteurs vonden we dat een mooie, nieuwe uitdaging. Ôskwanteklip gaat over een heel oud stel dat in een huisje aan zee woont. Op een gegeven moment overlijdt de vrouw, Gon. Ik speel de echtgenoot, Ger, die alleen achterblijft. Ger gaat door alle stadia van rouw. Hij heeft niet zoveel meer om voor te leven. Zijn lichaam takelt af en zijn vrouw is dood. Hoe kun je in die eenzaamheid en dat lijden, toch schoonheid of troost te vinden? Daar gaat de voorstelling over.

Ik las ergens over de transformatie van Gon in een mossel! Klopt dat?
Vanaf het moment dat Gon is overleden speelt er in het hoofd van Ger een vervreemdend, absurdistisch, irreëel universum af. In het tweede deel van de voorstelling belandt het publiek in het hoofd van Ger, waar alles kan. Als je iemand verliest doet alles je aan diegene denken, dat wilden we mooi verbeelden. We hebben een maskerworkshop gevolgd. Daarna hebben Max en ik samen met onze vormgevers een weeklang alleen maar maskers gemaakt. Max heeft toen een mosselmasker gemaakt. We wisten tijdens het maken van al die maskers nog niet wat we ermee gingen doen. Uiteindelijk zijn ze bijna allemaal in de voorstelling terechtgekomen.

Wat hopen jullie dat mensen meenemen na het zien van Ôskwanteklip?
Ik hoop dat mensen niet alleen verdriet ervaren maar ook momenten van schoonheid. Het is een grappige voorstelling, dus ik hoop ook dat ze lachen en plezier beleven.

Hoe gaat het nu met de Non Creators Company?
Het gaat goed! We zitten nu samen met Theater Kikker en Dood Paard  in de nieuwe- makers-regeling van het Fonds voor Podiumkunsten. Dat houdt in dat we twee jaar lang de ruimte krijgen om twee producties te maken en onze signatuur uit te diepen en te verbreden. Het eerste jaar is bijna voorbij en we gaan beginnen aan het tweede jaar met een nieuwe productie LOSERS. Steeds meer mensen kennen de Non Creators Company. Toen we net bestonden was het maar hopen dat regisseurs met ons wilden werken. Nu komen ze soms naar ons toe om met ons samen te werken. We voelen dat we aan het groeien zijn.

Stel je zou een onbeperkt budget hebben en een groot team, wat voor voorstelling zou je dan maken?
Het lijkt me geweldig om een voorstelling te maken waarin Max en ik de hele tijd aan het vliegen zijn. Dat we in de lucht hangen met een touw aan het grid en alle decorstukken en props hangen dan ook in de lucht met touwen. Alles hangt in de lucht, dat lijkt me fantastisch. Zoiets hebben we nog nooit gedaan. Waarschijnlijk is het heel onhandig en oncomfortabel want je hangt de hele voorstelling in een soort tuigje aan het grid.

Het idee lijkt leuk, maar dan hang je daar maar, toch?
Lacht hard.

Je ben een tijd geleden verhuisd van Limburg naar Utrecht. Hoe bevalt Utrecht? Hoe is om daar een creator te zijn?
In Limburg hield ik me vooral bezig met musical. Met andere vormen van theater kwam ik toen nauwelijks in aanraking. In Utrecht ontdekte ik pas hoe levendig en divers de theaterscene is – dat voelde alsof er een nieuwe wereld voor me openging.

Wat was de eerste voorstelling die een grote indruk op je maakte?
Dat was niet in Utrecht, maar op Oerol. Daar zag ik de voorstelling Guess Who’s Back van de Young Gangsters. Het was komedie met superveel slapstick vechtscenes, in Amerikaans Engels en met veel publieksparticipatie. Ik had nog nooit zoiets gezien, ik kende dat helemaal niet. Een hele lange bloederige vechtscene doen, een Amerikaanse talkshow spelen in een voorstelling die gaat over de terugkomst van Jezus. Het maakte enorme indruk en liet me zien dat alles gewoon kan.

Hoop je dat mensen later ook zo naar jouw werk kijken?
Ik hoop van wel, dat lijkt me fantastisch. Ik hoop dat we iets maken dat zo anders is, dat mensen naar onze voorstelling willen gaan om te zien wat we nu weer gemaakt hebben. Ik hoop dat mensen helemaal meegenomen worden in onze fantasie en de wereld die we maken.

Speellijst Non Creators Company

Fotografie: Dagmar Ketelaers

The Best Of Speels

Hallo POM Magazine lezer, Polly Parker hier. Figuurlijk gezegd in de pen geklommen om voor de tiende verjaardag van POM Magazine een column te schrijven. Ik hoor de lezer denken, “Jeetje Polly wat een snibbige toon en vanwaar toch? En trouwens dit is toch Speels Polly, geen Column Polly?” Nou… zoals de lezer weet hou ik me voor POM Magazine voornamelijk bezig met de cultuuragenda. Daarom zit ik regelmatig op een hoekstoel voor een theater- of concertpodium, of sta ik in menig galerie en museum voor een foto of schilderij. Dit allemaal om te zien en te horen of het allemaal het vermelden in de POM Speels cultuuragenda waard is. Gelukkig houdt onze hoofdredacteur me op de hoogte van de stand van zaken van de andere rubrieken. Zo vertelde ze me over de artikelen die in het kader van het tienjarig jubileum in oktober en november gepubliceerd gaan worden. In allerlei leuke interviews wordt dan teruggeblikt met mensen die in de afgelopen jaren al eerder geïnterviewd zijn door ons. Zelfs onze eindredacteur Josine is geïnterviewd door de nieuwe aanwinst in de redactie, Song Bloemendaal. “Leuk toch?!”, riep onze hoofdredacteur enthousiast. Waarop ik vroeg of het haar geen goed idee leek om zelf eens geïnterviewd te worden. Tenslotte was zij de afgelopen tien jaar hoofdredacteur van POM Magazine. Het antwoord was een heel verhaal over op de achtergrond blijven in haar rol en op de voorgrond treden van de redactieleden en tot slot de vraag of ik iets kon schrijven over anekdotes die ze wel eens met me heeft gedeeld tijdens de borrel. Na een moment van sprakeloosheid, gevolgd door boosheid, direct uitmondend in bravoure, besloot ik ter plekke om de uitdaging aan te gaan op voorwaarde dat ik The Best Of Speels mocht schrijven. Geheel subjectief. En zie hier lezer: u wordt getrakteerd op het beste van de rubriek Speels van de afgelopen tien jaar.

Mamma Medea van Theatergroep Suburbia
De Griekse tragedie Medea kennen we allemaal vanwege de ontknoping: moeder doodt kinderen. Vreselijk. Maar hoe komt Medea tot die daad? Dat was de hamvraag waarop Theatergroep Suburbia in 2022 antwoord probeerde te geven in een toneelversie van Tom Lanoye. Mamma Medea is een liefdesverhaal maar ook een verhaal over uitsluiting en verraad. Charlie Chan Dagelet speelde Medea en Stefan Rokebrand haar grote liefde, Jason. Waarom dit op The Best Of Speels moet staan? Charlie Chan Dagelet speelt een vrouw die haar kinderen vermoordt en Stefan Rokebrand een man die het allemaal op zijn beloop laat en dit drama niet heeft weten te voorkomen. Desondanks krijg je geen hekel aan dit paar en voel je na afloop van de voorstelling alleen maar mededogen. Dat vind ik knap.

Helpdesk van Wunderbaum
De Rotterdamse acteursgroep Wunderbaum heeft van hun voorstelling Helpdesk, een podcast versie gemaakt. Voor haar rol in de voorstelling kreeg actrice Wine Dierickxen in 2016 de Theo d’Or. Nu kun je één uur lang luisteren naar haar vertolking van Caren’s Helpdesk. Voor haar diverse bellers moet Caren telkens andere specialisaties beheersen. Terwijl ze voortdurend nieuwe identiteiten aanneemt, komt ze steeds verder te staan van haar oorspronkelijke zelf. Gaandeweg rijgen de gesprekken zich aaneen tot een bizarre trip. Nog steeds te beluisteren en nog steeds een mega aanrader.
Naar podcast

Aus dem Tagebuch einer erschöpften Unternehmerin
De Duitse journalist en auteur Frank Lorentz plaatste in 2021 zijn verhalenbundel op Instagram. Elke dag kon je op Instagram de belevenissen lezen van een zakenvrouw. Een soort Bridget Jones, maar dan Duits, volwassener en tienduizend keer leuker. Ik vond het de verrassing van 2021. Weliswaar geschreven in het Duits, maar leest desondanks lekker weg.
Naar Instagram boek

WIND van Toneelgroep Jan Vos
Voor dit stuk ben ik in de zomer van 2023 naar Drenthe gereden, naar Eelde, voor een voorstelling in een tent op een weiland vol koeien. Het was een fantastische voorstelling met topacteurs en leuk publiek (inclusief de koeien die buiten met geloei reageerden op de teksten van de acteurs en ons geklap). Waar ging het stuk over? Toneelgroep Jan Vos schuwt actuele maatschappelijke thema’s niet. Hun project WIND is een komedie over de energietransitie. Het zit vol ongelukkige politieke keuzes met grote gevolgen voor de bewoners van een klein dorp waar eerst turf werd gestoken en daarna gas omhoog werd gepompt. Als de inwoners te horen krijgen dat op hun grondgebied een windmolenpark komt, lopen de emoties hoog op.

RECHT van Veenfabriek
In 2023 was het tweede deel RECHT te zien van de drieluik De Klap. In dit drieluik schetste het toneelgezelschap Veenfabriek, hoe professionals zich verhouden tot een ontwrichtende gebeurtenis, de zogenaamde Klap. Het eerste deel, KRANT heb ik in 2022 gezien. Het jaar daarop de voorstelling RECHT waarin het publiek samen met twee juristen in een Haagse nachtclub belandt. Beide juristen werken voor het Internationaal Strafhof en Gerechtshof. De Universele Verklaring van de Rechten van de Mens bestaat 75 jaar en zij moeten een speech daarvoor schrijven. Met de whisky op tafel en afgeleid door het entertainment van de nacht proberen deze twee uit alle macht het goede te doen. Acteur Phi Nguyen werd voor zijn rol als één van de juristen, genomineerd voor de Louis D’ Or. En terecht!

De Blankenberge Tapes
Dit is een hoorspel in podcastvorm waarin twee jonge rechercheurs en de broer van één van de slachtoffers (subliem gespeeld door de Vlaamse acteur Johan Heldenbergh) vertellen over de zoektocht naar de daders van twee moordzaken. Het is gewoon een spannende detective, maar de crux zit hem in de acteurs die de personages geloofwaardig neerzetten. Mensen van nu, met een alledaags leven anno nu. Alleen sommige worden vermoord.
Naar podcast

Abonneer op onze nieuwsbrief

Door verder gebruik te maken van deze website gaat u automatisch akkoord met het plaatsen van cookies. Meer informatie Dit bericht verbergen