Virtual Reality, de hype voorbij

Tot voor kort was ik als filmmaker nog niet echt geïnteresseerd in ‘Virtual Reality’ (VR). Ik vond het een hype en de zoveelste gimmick die toch wel weer zou overwaaien. Maar hoe meer ik erover las en er ook zelf daadwerkelijk mee aan de slag ging, des te meer veranderde ik van mening. Ik vind het een fascinerende nieuwe kijkervaring waar je als kijker volledig wordt ondergedompeld in een andere tijd en ruimte.

Maar wat is Virtual Reality eigenlijk? Virtual Reality komt tot ons, via een soort headset met een beeldscherm. Je zet de headset op die verbonden is met een laptop en start een video of applicatie. Al kijkend naar het beeldscherm heb je het gevoel alsof je daadwerkelijk in de wereld van jouw video of applicatie aanwezig bent. Waar passieve media niet altijd in slagen, ga je als kijker in VR helemaal op. Je bent onderdeel van de scene en leeft in de gegeven tijd, plaats en dus in het verhaal. Er staat geen camera tussen jou en de situatie want in VR ben jij de camera, het is jouw perspectief. VR makers kunnen bepalen welke rol jij in het verhaal aanneemt maar in VR gaan de verhalen over jou, de kijker. De impact en betrokkenheid is daarom meeslepend.

De potentie van de VR film om de kijker te verrijken met nieuwe inzichten is vele malen groter vergeleken met andere media. Door de werkelijkheidservaring, oftewel empathie, wordt de connectie tussen de kijker en het verhaal zeer versterkt. Je kunt zo in de meest confronterende situaties terechtkomen. Zo kan de beleving versterkt worden door een virtuele oriëntatie van je lichaam. Een prikkelend voorbeeld van deze toepassing is bijvoorbeeld porno. In de journalistiek kan VR een betere weergave van de waarheid geven dan traditionele film- of fotojournalistiek dankzij een 360 graden weergave. Er zijn ondenkbaar veel terreinen waar de toepassing van VR voordelen zou kunnen opleveren zoals bij het verwerken van trauma’s, het trainen van astronauten en de verkoop van huizen. Ook voor onderzoeksdoeleinden is VR geschikt. Psychologen gebruiken VR om raciale vooroordelen te testen bij mensen met een blanke huidskleur door ze in een virtuele wereld een donkere huidskleur te geven. En afgelopen januari werd op de Vakantiebeurs in Utrecht VR gebruikt om de bezoekers te laten ervaren hoe het is om te paragliden.

Als filmmaker ben ik ondertussen behoorlijk enthousiast geworden over VR. Ik ben vooral benieuwd naar wat VR ons de komende tijd zal brengen. Het ziet er naar uit dat Virtual Reality definitief zijn intreden heeft gedaan. In 2016 zullen er waarschijnlijk meer toepassingen bijkomen en ik verwacht dat het commercieel gebruik zal toenemen. Als filmmaker ben ik in ieder geval erg blij dat in Amsterdam op de Oosterdokskade al de eerste VR bioscoop is gevestigd.

Tekst: Jasmijn Schrofer

Lumière Maastricht

Het is de ster onder de filmhuizen: Lumière Maastricht. Gevestigd in de voormalige elektriciteitscentrale van de Sphinxfabrieken, aan de binnenhaven bij de Maastrichtse Bassinkade. Na een verbouwing van bijna twee jaar is de oude stroomfabriek veranderd in een complex met zes bioscoopzalen en een grand Restaurant Café.

Ondanks de ruime, functionele opzet weet Lumière de intieme sfeer van een filmhuis te behouden. Veel oorspronkelijke materialen zijn verwerkt in het gebouw en overal is het aardewerk aanwezig waar Sphinx zo bekend van is. Industriële functionaliteit en intimiteit vallen ook te bespeuren in het Restaurant Café. Het staat vol met moderne meubels in strakke bekleding van leer, wol en vilt, maar her en der hangen ook kristallen kroonluchters. Overal zie je metaal: het komt terug in lampen, stellages en in meubels. Moderniteit wordt vermengd met lokale symboliek: hoog in de nok van het gebouw hangt een paar vleugels, een speelse verwijzing naar de engel in het wapen van Maastricht.

Fotografie:Philip Driessen

Friet in Amsterdam

Als ik trek heb, niet in de buurt ben van mijn keuken en geen zin heb om in een restaurant te eten, ga ik op zoek naar een gelegenheid waar je eten kunt afhalen, maar waar ook een paar tafeltjes en stoeltjes staan voor mensen die ter plekke de bestelde gerechten willen opeten. Het zijn dit soort plekken in een stad waar een grote diversiteit aan mensen komt eten. Hoe gevarieerder het publiek des te beter het eten meestal is. Mensen kunnen op allerlei manieren van elkaar verschillen, maar iedereen weet wat lekker is en daarover is men het verbluffend vaak eens: een frietje, al dan niet aangevuld met mayonaise of een andere saus. In Amsterdam zijn fotografe Jasmijn Schrofer en ik op zoek gegaan naar friettentjes waar we de lekkere trek en soms gewoon onze honger konden stillen met een patatje.

In Amsterdam heb je dan genoeg keuze. Of je nu op het Muntplein staat of honger krijgt als je op de Reguliersbreestraat, het Rembrandtplein of de Ferdinand Bolstraat loopt: overal vind je snackbars. Uiteindelijk kwamen we terecht bij vijf adresjes, verspreid over de uithoeken van Amsterdam en stuk voor stuk heel eigen. Zoals de Frietsteeg op de kruising Stadionkade/Parnassusweg. Dit Hans en Grietje-huisje kan hooguit vijf wachtenden ontvangen terwijl hun snack gefrituurd wordt in de roodgeverfde keuken waar zelfs de radio rood is. Maar buiten staan er voldoende houten zitblokken waarop je alles rustig kunt opeten. In de keuken liggen de aardappelen ongeschild klaar en de frieten worden ter plekke gesneden. Onze frieten waren knapperig en hadden een flinterdun zoutlaagje. Zelfs koud waren ze lekker.

NatuurlijkSmullen-2We zijn langs veel kotjes gereden op zoek naar een afhaalbar met een paar tafeltjes en stoeltjes, waar Jan en Alleman komt en waar aardige bediening ons helpt kiezen uit een keur aan sauzen. Bij Natuurlijk Smullen aan de Jan van Galenstraat zit je in een soort woonkeuken waar de dame achter de frituur de scepter zwaait en het stoofvlees bereidt volgens eigen recept. Alles smaakt heerlijk huisgemaakt. Als je de frietjes ter plekke opeet, krijg je er een bakje appelmoes bij. En je mag zelf biologische sapjes of fruitdrankjes uit de koelkast pakken.

In Amstelveen vind je aan de Kalfjeslaan de moderne buurtsnackbar Frietfabriek. Ook hier staat afhalen centraal, maar is er genoeg plaats om zittend op een kruk door grote ramen lekker te loeren naar alle voorbijkomende fietsers, voetgangers en auto’s. Op een schoolbord staan het type aardappel en het soort vet dat op dat moment gebruikt wordt in de keuken. Ook hier zagen we de ongeschilde piepers in grote netzakken liggen en werd de friet geschild en gesneden waar we bij stonden. Er staan vijftien sauzen op het menu, maar we hadden geen idee welke namen bij welke smaken hoorden en mochten even voorproeven. Wij kozen voor een triootje van romig, pittig en zuur. Ook hier konden we biologische sapjes of fruitdrankjes zelf uit de koelkast halen.

Par HasardEen bijzondere vogel in de Amsterdamse snackbarvolière is Par Hasard aan de Ceintuurbaan. Deels is het een restaurant en deels een afhaalbar waar de frieten worden gebakken en banken staan om op te zitten terwijl je wacht. Het donkerbruine restaurant is een Franse bistro met een aparte wijnbar. Bijzonder is dat snackbar, wijnbar en restaurant in elkaar overgaan zonder dat de identiteit van Par Hasard onduidelijk is. Als je daar je frietje wilt opeten ga je gewoon in het restaurant aan één van de houten tafels of aan de bar zitten. De friet is goed gebakken, de mayonaise is homemade, de kroketten zijn van Holtkamp en de frikandellen van slagerskwaliteit. De frietzak, het terracotta schaaltje met mayonaise en de frikandel in plastic bakje worden geserveerd op een klein, elegant zilverkleurig dienblaadje.

EiburghEen andere aparte vogel is Eiburgh Snacks aan de Zuiderzeeweg. De keuken staat in iets wat een kruising is tussen een tuinhuisje, een tent en een container. Binnen en buiten staan stoelen en banken van verschillende makelij die allemaal comfortabel zitten. Eiburgh ligt strategisch goed. Toevoerwegen naar de ringweg, tramhaltes, een parkeerplaats en fietspaden liggen er allemaal in de buurt.
Ondanks dat Eiburgh naast een verkeersknooppunt ligt is de omgeving groen. Zittend op een bankje en knabbelend aan een degelijk gemaakt frietje zie je het gras en de veldbloemen in de bermen en de bomen in de omliggende laantjes.

Tekst: Polly Parker
Fotografie: Jasmijn Schrofer

Fragments in time

Dit schilderij, getiteld ‘Shop’, is uit de laatste serie werken van de Nederlandse beeldend kunstenaar Myra de Vries (Hogeschool voor de Kunsten Utrecht, 2001). Myra’s schilderijen gaan over de eindeloosheid van de tijd en de onbeduidendheid van de mens daarin. In haar doeken belicht zij de wisselwerking tussen mens en natuur. Vooral het vermogen van de mens om zijn totale omgeving te veranderen en daarmee zelfs het eigen voortbestaan te riskeren, fascineert haar.Myra1 ‘Shop’ brengt op bijna poëtische wijze de mogelijk toekomstige afwezigheid van de mens in beeld. Verleden, heden en toekomst komen samen. Droombeelden versmelten met filmische landschappen en overweldigende natuur contrasteert met de nietigheid van het menselijk bestaan.
Solo-expositie Myra de Vries: Fragments in time.
Van 17 maart t/m 16 april bij Vonkel-actuele beeldende kunst, Den Haag.
www.vonkel.nl

Tekst: Thierry Reniers

Wat is het toch met dresscode?

Wat is het toch met dresscode? Het voorschrift hoe je je dient te kleden is lang niet altijd zo overduidelijk als op de uitnodiging voor – laten we zeggen – een feestje. Het is een sociaal aspect, een community dingetje. Als je de plank misslaat, dan ‘hoor je er niet bij’. Overdressed zijn op feestjes is net zo erg als underdressed en dat geldt echt niet alleen voor vrouwen. Per slot van rekening slaan de officiële dresscodes als tenue de ville, black tie en white tie, allemaal op herenkleding. De passende dames outfits zijn daarvan af te leiden.

Als de dresscode nou maar beperkt blijft tot feestjes en partijtjes, dan is het allemaal wel te doen, google is your best friend. Maar het heerst overal. Op straat, op kantoor, bij je sociale clubs, bij het uitgaan. Het verschilt per stad, per locatie en per situatie. Vaak is ie er onderhuids, en hoor je het ‘gewoon’ te weten. Hoe dan? Dat kan alleen als je je in die specifieke omgeving beweegt. Anders moet je maar gokken en er het beste van hopen.Het is niet voor niets dat met enige regelmaat de schooluniform discussie weer oplaait: afwijkende kleding staat hoog in de top tien van redenen om gepest te worden. En niets, maar dan ook niets is erger dan buiten de groep vallen. We zijn en blijven kuddedieren, en als we eens goed in de spiegel kijken herkennen we allemaal wel die angst voor een kledingmiskleun. Hoe oud we ook zijn en of we nou van Mars of van Venus komen.
Soms kan het echt niet missen: dat je geen wit draagt op een bruiloft mits het je eigen is: volkomen helder. En in een Feijenoordshirtje op de F-side gaan zitten: GEEN goed idee. Maar laten we eens een regel nemen die overduidelijk lijkt: sportkleding naar werk doe je niet. Zeker niet als vrouw. Als je al op de racefiets of hardlopend naar je werk gaat, waar dan ook, je kleedt je om. Tot je een keer een bijbaantje hebt bij een postsorteercentrum, je door het weer gedwongen bent een winterfietsbroek aan te trekken, je die in de plee wil vervangen en dan te horen krijgt: “Hoezo? Kicken broek toch, gaaf stofje en cool, van die lichtgevende naden.”
De kledingvoorschriften op kantoren dan? Makkelijker, denk je. Formeel, met hooguit het verschil in de kleine details: of huidkleurige panty’s kunnen, felle kleuren, welke das of schoenen done of not done zijn.
Maar… per sector kan het verschillen! In de culturele wereld hoeft kantoor personeel niet per se in pak tenzij ze naar iets belangrijks gaan. Bij een webdesign bedrijf moet je er bij wijze van spreken weer als een sociaal gestoorde bèta-nerd uitzien om erbij te horen. En waarom krijgen we allemaal bij professoren meteen het beeld van tweedjasjes, coltruien en ribbroeken? Juist.
Advocatenkantoren dan? Kat in het bakkie: strak in het pak. Nee hoor. Ik ken een advocaat intellectual property die gympies en spijkerbroek met jasje draagt. Om zijn cyber-cliënten op hun gemak te stellen. Terwijl een verdieping hoger de corporate afdeling zich volledig in krijtstreep, liefst ook nog driedelig, hult. Zelfde kantoor, hemelsbreed 3,5 meter afstand.
Wat het helemaal ingewikkeld maakt is dat je outfitkeuze zelfs binnen dezelfde sociale omgeving subtiel zou moeten verschillen, afhankelijk van de locatie bijvoorbeeld. Arty-farty of in spijkerbroek met gympies naar een klassiek concert gaan kan in het muziekgebouw aan ’t IJ prima, in het Mokumse concertgebouw loop je daarmee het risico de indruk te wekken dat je TOT de culturele wereld behoort. Of dat je op zijn minst zo’n hardcore concertbezoeker bent dat je niet langer de moeite neemt om je aan te passen. Sterker nog, het verschilt binnen datzelfde instituut ook nog eens per concertserie. Voor de Zondagochtend gelden andere codes dan bij het KCO publiek.
Nog zoiets: dresscode en macht. Wist u dat de President van de Verenigde Staten nooit een overjas hoort te dragen? Zo laat ie zien dat ie sterk is. Geen enkele POTUS heeft het ooit aangedurfd om die ongeschreven wet met voeten te treden. Tot Obama. Het meest bizarre is dat het omverschoppen van dit heilige huisje zijn reputatie van sterk leidersfiguur juist bevestigt. Dus heel zelden slaagt iemand er wel in om los te breken, door een combi van heel veel lef, een overdosis aan charisma en een vanzelfsprekend zelfbewustzijn: allen kenmerken van een geboren leidersfiguur. Voor de rest van ons mindere goden blijven de regels van onze soort gewoon bestaan, waardoor we gedwongen zijn de kudde te volgen waar we op dat moment deel van uitmaken. Voor velen een geruststellend gevoel. Niks mis mee. Voor de paar mensen die graag denken uniek en onderscheidend te zijn: ook jij bent wat je draagt. There is no such thing als 100% individualisme. Dresscode is overal.Hoe deprimerend of gekmakend dat ook moge zijn.

AAG
AAG-klein

Filmkeuze 2016

Het nieuwe jaar is alweer een week oud maar de POM Magazine redactie keek toch nog even terug naar het filmjaar 2016. Hieronder de voorkeuren van Polly Parker, Bert van der Zee, Lydia Verhoef en Josine Boven.

Zootopia (regie: Byron Howard, Rich More)
Omdat deze tekenfilmfabel annex politiethriller van Walt Disney Pictures, de grappigste scène bevat die Bert van der Zee ooit in een film zag.

Arrival (regie: Denis Villeneuve)
“Thinking people” sci-fi schijnt het genre te heten waaronder men Arrival wil scharen. Dat de film emotioneel raakt kan komen door de goede regie, of simpelweg omdat de metafysische overpeinzingen een dieper intuïtief verlangen raken.

Men & Chicken (regie: Anders Thomas Jensen)
Weliswaar vaker goor, grof en pijnlijk dan niet. Maar de slimme slapstick ondertoon maakt niet dat je wegkijkt maar juist meer wilt, veel meer.

Wild (regie: Nicolette Krebitz)
Een surrealistisch verhaal van een jonge vrouw die zichzelf vindt door in een vinex flatgebouw samen te gaan wonen met een levensgevaarlijke wilde wolf. In Duitsland veroorzaakte de film opschudding en controverse. Tja, het is dan ook geen Roodkapje. Knap acteerwerk van Lilith Stangenberg (foto).

La fille inconnue (regie: de gebroeders Dardenne)
Jonge arts voelt zich schuldig over de dood van een tienermeisje en heeft hierover wroeging. Op haar zoektocht naar vergeving laat de film zien wat de troosteloosheid van Luik typeert, dat goede daden een goed mens maken en dat goede mensen dingen laten waardoor mensen dood gaan.

A bigger splash (regie: Luca Guadagnino)
Weliswaar in 2015 geproduceerd, maar pas in 2016 te zien in de bioscopen. Een remake van de klassieker La Piscine, met in de hoofdrol een narcistische echtgenoot van een wereldberoemde rockidool die haar stem verloren is. Erotisch gedraai om een zwembad met een sprakeloze Tilda Swinton en een Ralph Fiennes die tot deze film nog nooit gedanst had.

Labyrinth (regie: Jim Henson)
Eind januari 2016, vlak na het overlijden van David Bowie was in de Pathé theaters in Nederland, Labyrinth weer te zien met de superster in de hoofdrol. Gekozen vanwege de hoge factor jeugdsentiment.

Nocturnal Animals (regie: Tom Ford)
Omdat in deze thriller de lelijkheid van mensen ingenieus verpakt wordt in glanzend cadeaupapier. Net als in Arrival, speelt Amy Adams de hoofdrol.

The Red Turtle (regie: Michael Dudok de Wit)
De Nederlandse animator, Michael Dudok de Wit, toont de avonturen van een schipbreukeling die aanspoelt op een onbewoond eiland. Zo ontroerend simpel kan schoonheid zijn.

La La Land (regie: Damien Chazelle)
Musical, veel zingen en nog meer dansen. Weinig is zo on-sexy als tapdansende mannen,…tot Ryan Gosling ermee begon.

Dankjewel filmjaar 2016!

Ondergronds kantoor in het bos

In een bos bij Madrid ligt het ondergrondse kantoor van het Spaanse architectenbureau SelgasCano. Het gebouw is niet meer dan een langwerpige horizontale buis en de muur en het plafond van het bovengrondse gedeelte zijn doorzichtig. Zittend achter hun bureaus, krijgen de medewerkers het idee dat ze buiten tussen de bomen aan het werk zijn. En als ze overwerken, zien ze bij helder weer de sterrenhemel.

Wereldplek – Biënnale Venetië 2015

“All The World’s Futures” is het thema van de 56ste Kunst Biënnale die afgelopen mei in Venetië is geopend. Een Biënnale in een stad die voornamelijk bezig is met het behoud van alles wat gebouwd is in het verleden. Hoe divers de interpretaties ook zijn, “All The World’s Futures” laat de toekomst doorschemeren in al wat getoond wordt aan maakbaarheid, retrospectie, context en poëzie. Inga Schneider deelt haar impressies.

De Biënnale onderzoekt de invloed van de maatschappelijke, technologische en wetenschappelijke realiteit op de creatieve expressie van beeldend kunstenaars. Artistiek directeur Okwui Enwezor heeft de curatoren van de deelnemende landen gevraagd met deze boodschap aan de slag te gaan. Het resultaat is zo divers als de wereld waarin we vandaag leven.
In het Cyprische paviljoen laat de kunstenaar Christodoulos Panayiotou in de tentoonstelling “Two Days After Forever” de instrumentele rol zien van de archeologie in de verhalen van onze geschiedenis. Terwijl in het Canadese paviljoen, Canadassimo wordt getoond van het kunstenaarscollectief BGL; een fantasie Shopping-Kosmos uit nostalgische tijden. Bij aanraking is het voor bezoekers onmogelijk om de waspoederpakken helder te zien omdat ze vervagen en zich oplossen in nevelige beelden.
Het Griekse paviljoen daarentegen, is een soort meditatieve installatie die bezoekers leidt langs alles wat de internationale kunstwereld te bieden heeft om vervolgens terecht te komen bij een Griekse leerlooier. De verhalen uit zijn leven vertragen het tempo van het bezoek. Niet alleen via verhalen en filmbeelden krijgen mensen een idee van zijn leven; in het paviljoen is zijn werkplaats helemaal nagebouwd.

Locatie is vaak bepalend voor de beleving van beeldende kunst. In de laatste 120 jaar is er in Venetië veel gebouwd om de tentoonstellingen te huisvesten. In 2009 is er een nieuw gebouw bijgekomen voor het Padiglione Italia, het Italiaanse paviljoen, en het oude paviljoen is sindsdien omgedoopt tot Central Pavilion. In het naburige park staan de paviljoengebouwen die de afgelopen 120 jaar door zo’n 29 landendeelnemers zijn gebouwd en die als thuisbasis dienen voor nationale tentoonstellingen. De tentoonstellingen van de rest van de 87 deelnemende landen zijn te zien in het Arsenaal, in diverse paleizen en in speciaal voor de gelegenheid opgestelde tijdelijke locaties.
Sommige van de bestaande locaties echter, hebben dit jaar een tijdelijk metamorfose ondergaan. De installatie met de titel “The key in the hand” van de Japanse Chiharu Shiota transformeert het Japanse paviljoen en fascineert bezoekers door poëzie en vlijt. Het paviljoen is doortrokken met een enorme hoeveelheid rode draden waaraan tienduizenden sleutels hangen die afkomstig zijn uit de hele wereld.
Het Duitse paviljoen heeft zichzelf opnieuw uitgevonden met tijdelijke vloeren die nieuwe ruimtes creëren. Curator Florian Ebner heeft kunstenaar Tobias Zielony uitgenodigd om deze ruimtes te gebruiken. In zijn werken spelen de migratie van foto’s en van mensen de hoofdrol. Zielony fotografeerde in Duitsland vluchtelingen en stuurde de foto’s naar het land van herkomst van deze mensen waar lokale auteurs vervolgens een artikel schreven voor elk van de foto’s. De artikelen en de foto’s zijn gepubliceerd in lokale kranten en tijdschriften. Om het effect van context en perceptie te benadrukken worden de artikelen los van de foto’s getoond.
Armenië heeft gebruik gemaakt van de voordelen van een stad die historische gebouwen koestert. Op een eiland gelegen voor Venetië, in een eeuwenoud Armeens klooster, toont het Armeense paviljoen kunstwerken waarin de Armeense identiteit, in het heden en verleden, thuis en in de rest van de wereld, wordt onderzocht. Het kreeg de prijs voor het Beste Nationale Paviloen, de Gouden Leeuw.

Natuur ontbreekt niet op deze Biënnale; de Nederlandse bioloog en kunstenaar herman de vries toont in het Nederlandse paviljoen een scala aan objecten uit de natuur, terwijl het Franse paviljoen werk van Céleste Boursier-Mougenot toont, een installatie van drie gemotoriseerde pijnbomen. Verder is de Biënnale niet zonder controverse geweest. De Turks-Armeense kunstenaar Sarkis vertegenwoordigt officieel Turkije terwijl zijn werk ook getoond wordt in het Armeense Paviljoen. En een kunstenaar die IJsland vertegenwoordigt richtte een kerk in als een moskee. Na lokale protesten moest alles afgebroken worden. Gelukkig blijven alle andere tentoonstellingen nog te bezichtigen tot eind november.
Biënnale Venetië 2015, tot 22 november.

Tekst: Inga Schneider en Regina Fluyt
Fotografie: Inga Schneider

Koninklijke Prijs 2015- grensoverschrijdend en actueel

Tweehonderdvijfentwintig beeldend kunstenaars dongen dit jaar mee naar de Koninklijke Prijs voor Vrije Schilderkunst. Vrijdag, 9 oktober, reikte Koning Willem-Alexander in het Paleis op de Dam de prijs uit aan vier van de vierentwintig jonge talenten die doorgedrongen waren tot de laatste ronde. De laureaten van 2015 die elk een bedrag van 6.500 euro ontvangen voor de verdere stimulering van hun loopbaan in de beeldende kunsten zijn: Rabi Koria (Hogeschool voor de Kunsten Utrecht, 2015), Joost Krijnen (Rijksakademie van Beeldende Kunsten, Amsterdam, 2014), Lennart Lahuis (De Ateliers, Amsterdam, 2013) en Jouni Toni (Rijksakademie van Beeldende Kunsten, Amsterdam 2015).

In zijn toespraak ging de koning niet alleen in op het feit dat kunst grensoverschrijdend is (twee van de laureaten zijn afkomstig uit respectievelijk Syrië en Finland). Hij brak ook een lans voor de kunst door te benadrukken dat de Nederlandse musea jaarlijks meer bezoekers trekken dan het betaald voetbal. Vanzelfsprekend kon deze uitspraak op bijval rekenen van de genomineerde kunstenaars en de genodigde galeriehouders en kunstliefhebbers. Juryvoorzitter Benno Tempel, directeur van Gemeentemuseum Den Haag, roemde in zijn voorwoord de hoge kwaliteit van de inzendingen van dit jaar. Uit zijn toelichting viel op te maken dat criteria als figuratie, multiculturaliteit en actualiteit leidend waren geweest bij de selectie van de winnaars.

Hoewel beide toespraken op het eerste gezicht vooral van politieke correctheid leken te getuigen, toont de expositie van alle genomineerde werken dat de jury een goed oog heeft voor trends in de eigentijdse beeldende kunst. Rabi Koria is bijvoorbeeld niet alleen tot winnaar uitgeroepen, omdat hij een Syriër is die in zijn werken verslag doet van wat er in zijn geboorteland gebeurt; hij is ook representant van een steeds groter wordende groep kunstenaars die ongeacht hun nationaliteit een duidelijke behoefte voelt om te reflecteren op maatschappelijke ontwikkelingen. Ook de minimalistische figuratie van Jouni Toni, de nonchalante tekenstijl van Joost Krijnen en het tot mysterieuze monochromen herleide onderzoek van de Westerse beeldcultuur door Lennart Lahuis vallen binnen stromingen die recentelijk op (post-)academies te bespeuren waren.
De expositie in het Paleis op de Dam waar tot 16 november het werk van genomineerden en winnaars te zien is, geeft hiermee een gevarieerd en actueel beeld van de eigentijdse kunst die op dit moment in Nederland gemaakt wordt.

Tekst: Thierry Reniers

4x Avontuur Ontbijt in Amsterdam

Voor de nieuwe POM Magazine serie – Ontbijtspecial- beet Jasmijn Schrofer de spits af, of liever gezegd, ze beet in pancakes en vloerbrood. Jasmijn ging in Amsterdam op onderzoek uit, speurend naar avontuur op het ontbijtbord. Haar verslag van een zoektocht.

Café Cook, James Cookstraat Amsterdam
Ik ben toch altijd licht teleurgesteld als ik precies dat krijg wat ik verwacht. Ik laat mij namelijk graag verrassen. Dat geldt voor verjaardagen, maar zeker ook voor café-restaurants. Wie zich daarin herkent moet gauw naar Café Cook gaan. Beschouw je het ontbijtmenu als jouw verlanglijstje, dan overtreft Café Cook al jouw verwachtingen met het cadeautje waar je om gevraagd hebt. Op aanbeveling van de chef gingen we voor vloerbrood Portobello met brokkelkaas en Ribeye met ei. Het was boven alle verwachting: een smaakbommetje van alles wat op ons bord prachtig gepresenteerd werd.

Bediending: complimenteus
Kaart: rijk
Eten: als een koning
Locatie: achter de Jan Evertstraat aan een dorpspleintje bij een kerk
Sfeer: rustgevend
Prijs: verdient een fooitje
Cijfer: the best

Café DS, Doctor Jan van Breemenstraat, Amsterdam
Café DS is onderdeel van De School, een verzamelplaats voor: een club, een café, een restaurant én een sportschool. Maar laat je niet afschrikken. Ook al is clubing niets voor jou en heb je een hekel aan sporten, Café DS is een echte aanrader. De locatie is zowel binnen als buiten goed uitgerust met een terras, bar, grote zithoek, koffietafel en natuurgroen. Je wordt blootgesteld aan een universele subcultuur van techno en kunstenaars. En het ontbijt? De ontbijtgerechten hebben een spannende twist. De gepocheerde eieren zijn gepimpt met een vleugje miso, wat het een lichte unami-smaak geeft; de clubsandwich met zalm is gekruid met kerrie en belegd met zuur. Net even anders dan wat je zou verwachten van een ontbijtgerecht.

Bediening: je beste vrienden back in the 90ties
Kaart: vleugje oriëntaals
Eten: minimalistisch complex
Locatie: industrieel
Sfeer: bij DS kom je in een familie terecht
Prijs: medium rear, tegen de bovengrens
Cijfer: een verborgen parel

Pension Homeland, marine terrein, naast het Scheepvaartmuseum
Het vroegere officiersonderkomen op het voormalige marine terrein is nu open voor alle rangen. De plek is omgeturnd in Pension Homeland: een hotel en een bar & restaurant. “Ga daar kijken”, tipte een vriend. Het zetje wat ik net nodig had, want ik zou het anders nooit bij Pension Homeland hebben gezocht om mijn honger te stillen. Maar nu was ik op avontuur. Ik was blij verrast te zien dat Homeland na de renovatie zijn eigenzinnige sfeer heeft behouden vol kleur, volume en glans. En nu ik een paar dagen later weer terugdenk aan mijn ontbijtje daar, waardeer ik meer en meer het roereitje met avocado op knapperig brood. Pure eenvoud en vakmanschap.

Bediening: nonchalant
Kaart: eenvoudig
Eten: lief in harmonie
Locatie: oubollig doch hip
Sfeer: robuust met uitzicht
Prijs: fair
Cijfer: ik kom zeker terug, maar dan in avondsferen

Lotti´s, Herengracht, Amsterdam
Niets kan zo deprimerend zijn als een hotelontbijtzaal, zo’n muizige salle de dejeuner. Niet bij Hotel Hoxton, daar plof je op een bank bij Lotti´s. Het knappe van Lotti´s is dat je helemaal niet doorhebt dat je in een kelder, annex hotelbalie, annex café-restaurant zit. Het is een urban retro huis- en eetkamer waar iedereen aanwaait om te werken, te eten en te roddelen. Op Lotti´s ontbijtlijst overheersen de klassieke internationale eiergerechten. Hoewel de verleiding van moderne gerechten met klinkende namen als Grilled Grapefruit, Overnight Oats en Coconut Chia Pot, groot is gaan we voor traditioneel. We nemen de Blueberry Pancakes en Lotti’s Benny: gepocheerde eieren op toast met hollandaise saus en zalm. De smaken zijn zacht en neutraal, waardoor extra’s als zeezout, blueberries en bacon schitteren in smaak.

Bediening: young profs vol hartelijkheid
Kaart: klassiek
Eten: donzig zacht
Locatie: 21st century grandness aan de Herengracht
Sfeer: urban beautiful
Prijs: medium rear
Cijfer: onze bordjes met brood en pancake volledig schoongeveegd

Fotografie: Jasmijn Schrofer